Thuistalen op school: een rijkdom die we nog niet ten volle benutten
Deel
Een debat tijdens de Brussels Week of Multilingualism verkent hoe thuistalen het welzijn, de identiteit en het schoolsucces van kinderen beïnvloeden.
Op 14 februari had BicuKids een stand op het slotevenement van de Brussels Week of Multilingualism, dat plaatsvond in het Palais de la Bourse in Brussel. Het was een bijzonder mooie gelegenheid om ons project voor te stellen en om veel mensen te ontmoeten die zich inzetten voor meertaligheid, vanuit respect, nieuwsgierigheid en bewondering voor de taalkundige diversiteit die deze stad kenmerkt.
Ik wil graag beginnen met mijn dank uit te spreken voor die kans en voor de vele gesprekken die tijdens die dag zijn ontstaan.
Diezelfde dag woonde ik ook een van de debatten van het programma bij.
Het heeft me even gekost om de stap te zetten om hierover te schrijven, maar ik hoop dat deze reflecties interessant en waardevol kunnen zijn voor veel biculturele gezinnen die gelijkaardige realiteiten ervaren.
Het thema van het panel was tegelijk eenvoudig en diepgaand:
Welke plaats moeten thuistalen krijgen op school?
Het panel bracht Esli Struys (Vrije Universiteit Brussel) en Charlotte Zwemmer (Sint-Guido-Instituut Anderlecht) samen en werd gemodereerd door Laurence Mettewie (Université de Namur). Het gesprek combineerde academisch onderzoek met praktijkervaring uit het onderwijs, wat het debat bijzonder boeiend maakte.
Voor mij was het een zeer verhelderend gesprek. De studies en statistieken die de panelleden deelden, bevestigden iets wat veel biculturele gezinnen al lang intuïtief aanvoelen: de relatie tussen taal, leren en identiteit is veel complexer dan soms wordt voorgesteld in het publieke debat.
Wat gebeurt er wanneer de thuistaal wordt losgelaten?
Een van de interessantste punten van het debat was de analyse van wat er gebeurt wanneer migrantenouders stoppen met hun moedertaal te spreken met hun kinderen, en in plaats daarvan uitsluitend de schooltaal proberen te gebruiken.
Verschillende studies die tijdens het panel werden gepresenteerd tonen aan dat dit negatieve gevolgen kan hebben:
- het kan de verwerving van de moedertaal beïnvloeden
- het kan de kwaliteit van de interactie tussen ouders en kinderen verminderen
- het kan invloed hebben op schoolresultaten en cognitieve ontwikkeling
- en het kan de overdracht van cultureel kapitaal binnen het gezin verzwakken
De reden is eenvoudig: wanneer ouders spreken in een taal die ze minder goed beheersen, worden gesprekken vaak beperkter en gaat een deel van de rijkdom van de taal verloren.
Daarom raden veel specialisten aan dat ouders met hun kinderen spreken in de taal die zij het best beheersen.
Persoonlijk herken ik dit sterk. De expressiviteit van emoties en de vrijheid om een mening te uiten zijn niet dezelfde in een taal die je minder goed beheerst of waarin je woordenschat beperkt is.
Een sterke thuistaal concurreert niet met de schooltaal — ze versterkt die juist.
Thuistalen, welzijn en schoolsucces
Tijdens het debat werd ook een belangrijk punt benadrukt: het waarderen van thuistalen kan het welzijn en het zelfvertrouwen van leerlingen versterken.
En dat welzijn heeft reële gevolgen: leerlingen die zich erkend voelen in hun talige identiteit ontwikkelen vaak meer motivatie en betere schoolresultaten.
Met andere woorden: het erkennen van thuistalen is niet alleen een culturele kwestie.
Het kan ook een slimme pedagogische keuze zijn.
Een stad die van nature meertalig is
Bibliotheekexpert en aandachtige observator van de Brusselse samenleving Patrick Vanhoucke, die ook aanwezig was bij het debat, deelde nadien een interessante reflectie.
Volgens hem hoeft meertaligheid in Brussel niet kunstmatig gepromoot te worden, omdat ze in de dagelijkse realiteit van de stad al bestaat.
Wat wel nodig is, is die realiteit erkennen en koesteren.
Wat mij uit zijn reflectie op LinkedIn vooral is bijgebleven, vat voor mij goed de geest van het debat samen:
de echte uitdaging is niet om taalkundige diversiteit te verminderen, maar om te leren die met intelligentie, strategie en empathie te waarderen.
Meertaligheid als pedagogisch instrument
Het debat bracht ook pedagogische benaderingen naar voren die proberen de taalkundige diversiteit in de klas te benutten.
Een van die benaderingen is flexibele meertalige didactiek (García & Flores, 2012), die voorstelt om het volledige taalkundige repertoire van leerlingen te gebruiken als leerinstrument.
Enkele van de genoemde strategieën waren:
Co-languaging
Meerdere talen integreren in leermaterialen of in de leeromgeving.
Translanguaging
Leerlingen toestaan alle talen die ze kennen te gebruiken om ideeën te begrijpen en uit te drukken.
Preview – View – Review
Inhoud introduceren in één taal, ermee werken in een andere en daarna opnieuw herbekijken.
Flexibele meertalige geletterdheid
Verschillende talen integreren in lees- en schrijfactiviteiten.
Contrastieve analyse
Vergelijken hoe woorden en zinnen worden gevormd in verschillende talen.
Al deze methodologieën vertrekken van dezelfde premisse:
meertalige leerlingen mogen hun talen niet aan de deur van het klaslokaal achterlaten.
Een persoonlijke reflectie
Als biculturele mama zette dit debat mij sterk aan het denken.
Mijn persoonlijke conclusie is dat wanneer thuis één taal wordt gesproken en het onderwijs uitsluitend in een andere plaatsvindt, er een structureel nadeel ontstaat. Niet omdat meertaligheid een probleem is, maar omdat één van de talen structureel onzichtbaar wordt in het onderwijs.
Idealiter zouden beide talen zich volledig moeten kunnen ontwikkelen.
Ik hoop dat mijn zoon zich volledig zichzelf kan voelen in elke taal die hij spreekt. Dat woordenschat en eloquentie in beide talen geen tegenstellingen zijn.
Ik hoop dat kinderen kunnen opgroeien met een hoog niveau in de twee talen die deel uitmaken van hun leven — niet alleen omdat dat hun persoonlijke ontwikkeling verrijkt, maar ook omdat het de samenleving en de gemeenschap verrijkt.
Alles begint met kleine gestes
Dit is wat ik vraag aan alle leerkrachten en mensen die betrokken zijn bij de opvoeding van kinderen tijdens hun schooltijd.
We denken soms dat grote veranderingen alleen afhangen van onderwijsbeleid of institutionele beslissingen.
Maar vaak beginnen ze met eenvoudige gestes.
Met nieuwsgierigheid.
Met het erkennen van iets dat eigenlijk heel vanzelfsprekend is:
dat sommige kinderen op school een andere taal thuis spreken.
Die realiteit erkennen is de eerste stap om ze te waarderen.
Het is diversiteit met open ogen bekijken.
Biculturaliteit: geen uitdaging, maar een superkracht
Bij BicuKids geloven we hier sterk in.
Op groeien tussen twee talen, twee culturen en twee werelden is geen probleem dat moet worden opgelost.
Het is een rijkdom.
Het is een kans.
En als we leren om die goed te koesteren, kan het iets heel krachtigs worden.
Want bicultureel zijn is geen uitdaging.
Het is een superkracht.
Nu ben ik benieuwd naar jouw mening.
Hoe kunnen we scholen helpen om dat ook zo te zien?
Welke ervaringen heb jij met thuistalen en school?
Deel jouw blik met ons.
Autor: Andrea Ramos Cornejo